Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene
Allerhonde verhalen

Een dierbare mythe?

Vriendschap tussen mens en hond: een dierbare mythe?

Geschreven door Marieke van Nimwegen.

Als in Athene de strijd in een impasse raakt, gaat Loukanikos met zijn grote, vaalgele hondenlijf in de frontlinie op het asfalt liggen. Achter hem staan honderden demonstranten. Zijn oren staan hoog op de grote, wat hoekige kop. Het rechteroor staat naar voren gericht, in afwachting van de confrontatie, zijn linkeroor buigt licht naar achteren en lijkt zijn strijdmakkers in de gaten te houden. Zijn donkere ogen stralen verontwaardiging uit; een verbolgen, ontstemde, beledigde blik.

Sinds 2008 strijdt deze hond samen met de Griekse Occupybeweging tegen de regering in zijn land. Hij verscheen op een dag uit het niets. Sindsdien staat hij steevast vooraan, blaft de autoriteiten af en is nergens bang voor: niet voor geweerschoten of stenen en zelfs niet voor brandbommen en traangas. Zijn naam, dat ‘worstje’ maar ook ‘voetzoeker’ betekent, kreeg hij van de betogers. Hij heeft hun zijde gekozen. Dat hij een blauwe halsband draagt, betekent dat hij tot de Atheense zwerfhonden behoort, die gevoed en verzorgd worden door het gemeenteasiel. Hij is dus van niemand en heeft zelf besloten om vriendschap met de demonstranten te sluiten.

Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene
Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene

Ik moest aan jou denken toen ik dit verhaal hoorde. Niets wees erop op dat wij die dag samen naar huis zouden gaan; ik moest voor iets heel anders in dat asiel zijn. Toen ik langs de hokken liep, was jij de enige die niet blaffend tegen de tralies opsprong. Ik hield even in, zag je rechtop achter in je hok zitten en tot mijn eigen verbazing begon ik tegen je te praten. Je bleef doodstil zitten maar hield je kop steeds schuiner; eerst naar rechts, toen naar links, weer naar rechts. Alsof je met je grote, rechtopstaande oren mijn stem probeerde te vangen. Toen stond je op, duwde je neus door de tralies en likte mijn hand. ’s Avonds lag je tevreden bovenop mijn voeten. Een vriendschap was geboren.

Vriendschappen tussen mens en hond bestaan al eeuwen en zijn heel geleidelijk ontstaan. De voorlopers van onze hond kwamen af op de afvalhopen bij de nederzettingen van de eerste mensen die hun nomadenbestaan opgaven. Daar is de kiem gelegd. Hond en mens raakten gewend aan elkaar en langzaam ontstond er interactie. De mens maakte gebruik van de capaciteiten van de hond om zijn leven te vergemakkelijken en te veraangenamen, de hond schikte zich hierin en gaf zijn onafhankelijkheid op in ruil voor voedsel en onderdak.

Die overgave van de hond naar afhankelijkheid is het resultaat van een lange ontwikkeling. De Amerikaanse hondenkenner Lee Charles Kelly heeft ooit gezegd: “De wolf verdient de kost met zijn tanden, de hond met zijn hart”. Honden leerden dat reageren op menselijke gevoelens hen toegang gaf tot hun leefomgeving en zorgde voor een harmonieus samenleven. Hierdoor waren ze verzekerd van eten en een slaapplek. Ze bleken een uitstekend instrument te bezitten om die gevoelens te peilen: hun neus.

Dat ook jij je dit eigen had gemaakt, bleek al de eerste nacht. Telkens nadat ik je naar je warme mand op de overloop had teruggestuurd, hoorde ik weer zachtjes je nagels tikken op de houten planken in mijn slaapkamer als je binnensloop om je opnieuw op de kale, koude vloer naast mijn bed neer te vleien. Ik was geraakt; met woorden stuurde ik je steeds weer terug maar mijn hart sprak een andere taal, een taal die je wel verstond en dat maakte je mij duidelijk. Met een gelukzalige zucht viel je eindelijk in slaap, in je mand, naast mijn bed.

In zijn boek Emoties bij honden beschrijft jachthondentrainer Paul de Vos hoe de hond menselijke emoties kan ruiken. Als Loukanikos daar op het Syntagma Plein in hartje Athene zich weer in de strijd gooit en een zwaar bewapend lid van de oproerpolitie fel toeblaft terwijl hij handig tussen de brandende benzinebommen manoeuvreert, gebeurt er van alles in zijn hondenlijf dat wij niet kunnen zien. Zijn grote, natte neus draait overuren want zijn vrienden zitten boordevol emoties; ze geven daarbij geuren af, die hij kan ruiken. Dit vermogen ligt vast in de genen van elke hond en is het resultaat van duizenden jaren evolutie.

Zo weet Loukanikos of zijn vrienden boos, angstig of opgewonden zijn, zich blij of op hun gemak voelen. Hij moet zorgen dat hij zijn gedrag aanpast aan die emoties; alleen dat is een garantie voor samenzijn. En dus verklaart hij zich solidair met de betogers en strijdt hij ijverig mee in hun drang om de wereld te veranderen.

Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene
Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene

Ook jouw neus wist feilloos situaties in te schatten. Ik zie nog voor me hoe je van een afstand mijn ziedende vader bekeek, die een stroom van afschrikwekkende woorden uitstootte om mij duidelijk te maken dat ik jou niet uit dat asiel had moeten halen. Midden in zijn betoog liep je op hem af, ging naast hem zitten, legde je kop op zijn knie en sloeg je mooie, bruine ogen naar hem op. Mijn vader staakte abrupt zijn geraas, keek van je weg en nam een slok koffie. Er is nooit meer een woord over gerept. Ik vraag me nu nog weleens af of je ook zoveel uren aan zijn voeten had doorgebracht als je zijn taal toen had begrepen.

Paul de Vos noemt nog meer aspecten die de band tussen mens en hond beïnvloeden. Zo zijn honden meesters in het herkennen van onze lichaamstaal. Uit proeven is gebleken dat ze ook de betekenis van gezichtsuitdrukkingen kunnen begrijpen, zelfs beter dan chimpansees, terwijl onze genetische gelijkenis met deze apen groter is dan met honden.

Daarnaast is er nog het hormoon oxytocine dat bij de mens, maar ook bij dieren, vrijkomt bij positief onderling contact. Het geeft letterlijk een goed gevoel en is van essentieel belang voor het lichamelijk en psychisch welzijn want het vermindert stress en verhoogt de weerstand tegen ziekten. Dit ‘gelukshormoon’ speelt nog een belangrijke rol. In onze mensenogen strijdt Loukanikos tegen het onrecht dat zijn vrienden is aangedaan. Dit toedichten van menselijke eigenschappen aan dieren, antropomorfisme, is een typische menselijke emotie. En daar kunnen wij niets aan doen. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat bij dit humaniseren van het gedrag van dieren ook dit hormoon wordt vrijgemaakt bij de mens. Hoewel antropomorfisme vaak wordt veroordeeld, is het dus eigenlijk van groot belang voor ons welzijn.

Vriendschappen tussen mens en hond ontstaan in de vicieuze cirkel van vrijkomende hormonen, emoties en de reacties daarop, maar worden deze dan uitsluitend bepaald door chemische processen? Ik ben van mening van niet, want volgens mij is er nóg een belangrijk aspect dat de hechte band tussen mens en hond bepaalt, namelijk menselijke taal. Omdat wij kunnen denken, kunnen we redeneren en ons uiten door middel van taal.Wij creëren onze wereld grotendeels met woorden en op enkele abstracte begrippen als commando’s na, kan een hond die niet duiden. En dat is maar goed ook; juist dit aspect bepaalt waarom deze band voor de mens zo bijzonder kan zijn.

Want voor ons is vertrouwen een fundamentele levensbehoefte en de basis van ons welzijn. Binnen het wereldbeeld van de meeste levensbeschouwingen wordt verwacht dat mensen eerlijk en oprecht zijn. Maar in de praktijk blijkt ons vertrouwen daarin zwaar op de proef te worden gesteld. Als wij liegen of oordelen, doen we dat door middel van taal. En omdat een hond geen taal begrijpt of gebruikt, niet kan denken en dus geen verbanden kan leggen, zal een hond nooit kúnnen liegen, vooroordelen hebben of zich anders voordoen dan hij is. Een mens vindt in de vriendschap met een hond een stuk vertrouwen in zijn wereld terug. Het gedrag van de hond is ongeveinsd en deze vriendschap is daarom de meest onvoorwaardelijke band die wij aangaan in ons leven.

Tegen het einde van jouw leven, waren er mensen die vonden dat ik mijn volle aandacht voor hen nodig had en dat er daarom voor jou geen plaats meer was in mijn leven. Maar ook jij was oud en had hulp nodig. Je moest vaker naar buiten, je liep niet meer zo snel en ik moest je soms van een hoge stoep tillen. Je wilde alleen nog maar eten als je je voer uit mijn hand kreeg en je raakte in paniek als je mij buiten kwijt dacht te zijn, omdat je ogen en je oren dienst weigerden. Maar dat deed niets af aan dat wat we voor elkaar voelden en het vertrouwen in mij dat jij toen aan de dag legde, sterkte mij alleen maar in mijn strijd tegen deze onredelijke mening.

Ons afscheid na zestien jaar was daarom misschien wel pijnlijker dan het afscheid van mijn overleden mensenvrienden. Jouw vriendschap was niet door voorwaarden en vooroordelen beperkt en niet door taal vertroebeld. Ik verloor met jouw dood op dat moment mijn kostbaarste bezit.

Dat Loukanikos de betogers als zijn vrienden heeft gekozen en niet de oproerpolitie lijkt een mysterie; honden hechten zich juist graag aan een dominante, autoritaire leider. Dat hij geen vluchtgedrag vertoont voor vuur, knallen of traangas, ook. Er is zelfs geen sprake van jachtinstinct; een prooi (de oproerpolitie) zal immers van de jager (de demonstranten) af bewegen maar de politie beweegt juist in de richting van Loukanikos en de betogers. Dat hij zijn vrienden wil beschermen tegen hun vijand is evident maar dit verklaart nog steeds niet waarom hij hen als vrienden kiest en niet de politie. Zijn honden dan in staat bewust keuzes te maken?

Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene
Loukanikos de Griekse protesthond in actie in Athene

De in dit essay al eerder aangehaalde Lee Charles Kelly denkt van niet en zoekt de verklaring voor Loukanikos’ gedrag in Freud’s psychoanalytische theorie. Freud zag lichaam en geest als energiestromen of driften, die in aanvang ongestuurd en ongeremd zijn. Hij noemde dat het Id, het onbewuste deel van de psyche. Het Ego, het bewuste deel, probeert deze driften in bedwang te houden en wordt door opvoeding en cultuur afgedwongen. Het Super-ego of geweten, is het beeld dat mensen hebben van hun ideale zelf, hierin liggen de normen en waarden van de mens besloten. Kelly past deze theorie toe op de band die mens en hond hebben, hij ziet een reflectie van de hond in het Id en van de mens in het Ego. Volgens hem is de menselijke samenleving eveneens in dat licht te zien: de regerende macht, het Ego, probeert de impulsen van het volk, het Id, in bedwang te houden en te sturen. Dat is precies wat er in Griekenland gebeurt en omdat de hond, Loukanikos in dit geval, zo zuiver Id is, voelt hij zich daar door aangetrokken en neigt hij naar de kant van de anarchisten.

Ik moet zeggen dat ik dit een hele aannemelijke verklaring vind. Freuds psychoanalyse ligt tegenwoordig weliswaar zwaar onder vuur, maar de theorie die eraan ten grondslag ligt, past wonderwel bij het gedrag dat honden vertonen. Dat neemt niet weg dat ik me ook goed kan voorstellen dat Loukanikos wél een bewuste keuze heeft gemaakt; de demonstranten hebben immers lekkere worstjes, de politie niet…

Ondanks al die verklaringen die er zijn voor vriendschappen tussen mens en hond, was er toch iets mystieks aan die van ons; iets onbenoembaars dat wel alles met gevoel te maken had maar dan op een hele andere golflengte dan emoties. Ik heb ervaren dat er tijdens ons leven samen een innerlijke gewaarwording was tussen jou en mij. Jij bent hier niet meer maar na al die jaren, kan ik, als ik mijn ogen sluit, die gewaarwording nog steeds voelen. Dat gevoel overstijgt dus zelfs de dood. Dat geldt kennelijk ook andersom, getuige de vele verhalen van honden die na de dood van hun baasjes jaren op hun graf waakten of eindeloos bleven wachten op hun terugkomst. Ik kan dan ook nauwelijks geloven dat onze band bestond uit slechts een proces gebaseerd op hormonen en reukvermogen en dat er van echte vriendschap geen sprake was; dat dat slechts een mythe is. En als dat toch zo mocht zijn, dan is het een mythe die mij zo dierbaar is als onze vriendschap was.

Onze fascinatie voor het gedrag van Loukanikos is zo groot dat hij door Times Magazine is uitgeroepen tot ‘Persoon van het jaar 2011’, dat hij een eigen website heeft en 40.000 volgers op Facebook en dat hij een grote toeristische attractie is.Want we kunnen eigenlijk niet geloven wat we denken te zien. We willen zo graag begrijpen wat hem beweegt en ondanks al onze theorieën blijft het toch gissen naar de ware toedracht. Maar merk eens op hoe gefascineerd een hond naar mensen kan kijken, hoe hij ons probeert te duiden en hoeveel moeite hij daarvoor doet. Ik denk dat een groot deel van de verklaring voor deze vriendschap ligt besloten in die wederzijdse fascinatie; daar ontstaat die mystieke aantrekkingskracht tussen mens en hond.

Ik heb taal gebruikt om mijn persoonlijke zoektocht naar de essentie van de vriendschap tussen mens en hond te beschrijven. Mijn taal om het gedrag van de hond in mijn wereld te verbeelden en met mijn pen kan ik bijna niet anders dan subjectieve woorden schrijven, mijn eigen belevingswereld scheppen, zoals een schilder dat doet met zijn penseel op een doek.

Toch hoop ik dat er in mijn verhaal ook iets objectiefs is boven komen drijven, en wel het antwoord op een belangrijke vraag: wat zou de mens eigenlijk moeten bijdragen aan deze vriendschap? Want het moge duidelijk zijn dat met al zijn uitzonderlijke vermogens, onvoorwaardelijke trouw en eerlijkheid de hond het grootste deel voor zijn rekening neemt. Een uitspraak van Roger Caras, de directeur van de Amerikaanse dierenbescherming, illustreert dit op rake wijze: “We geven ze de liefde die we kunnen missen en we geven ze de tijd die we over hebben. In ruil daarvoor krijgen we alles van de hond”.

A homeless man and his dog.
A homeless man and his dog.

Tegen veel capaciteiten van de hond kunnen we niet op. Maar wij hebben wel een verstand gekregen en daarmee de verantwoordelijkheid voor ons handelen. Daar zou onze bijdrage moeten liggen: heel goed zorgen voor het welzijn van de hond, want ook al beseft hij het niet, hij zorgt voor die van de ons.

Moe van een lange dag demonstreren, sjokt Loukanikos door de straten van Athene, zijn buik goed gevuld met de worstjes die hij van zijn kameraden heeft gebietst. Hij is op zoek naar een warme slaapplaats; het wordt winter en de nachten kouder. In een smal straatje, achter een loods zitten een paar zwervers in kleden gewikkeld te kleumen bij een houtvuurtje. Als hij langs slentert, slaat er één uitnodigend zijn deken open. Hij aarzelt even, komt voorzichtig dichterbij, snuffelt aan de zwervers’ voet en kwispelt zachtjes met zijn staart. Dan nestelt de grote hond zich in zijn schoot. In elkaars warmte vallen ze in slaap.
Loukanikos’ gezondheid heeft helaas wel geleden onder het inhaleren van de enorme hoeveelheden traangas en andere chemische stoffen die vrijkwamen bij de rellen waar hij dagelijks aanwezig was. Hij is ongeveer 10 jaar oud geworden en op 9 oktober 2014 vredig ingeslapen bij de persoon die de laatste jaren van zijn leven voor hem heeft gezorgd.

Dit prachtige essay over de vriendschap tussen mens en hond is geschreven door: Marieke van Nimwegen.

Disclaimer: I do not know the owners of the pictures in this story. If one of these pictures has your copyright, please contact me at : info@hondelevens.nl . I will put your name and link under the photograph or delete it if you want me to.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *